Home

Particulieren

Ondernemingen

Overheden

Het recht

Het gerecht

Over ons

Stel uw vraag

Objectieve aansprakelijkheid
facebook facebook
  • Register

Krankzinningen (art. 1386bis BW)

Wanneer schade wordt veroorzaakt door een persoon die zich in staat van krankzinnigheid bevindt, of in een staat van ernstige geestesstoornis of zwakzinnigheid die hem voor de controle van zijn daden ongeschikt maakt, dan kan de rechter hem veroordelen tot de gehele vergoeding of tot een gedeelte van de vergoeding waartoe hij zou zijn gehouden, indien hij die controle van zijn daden zou gehad hebben.

De rechter doet uitspraak naar billijkheid, rekening houdende met de omstandigheden en met de toestand van de partijen. De rechter kan dus een billijkheidsoplossing zoeken waarbij hij mogelijke ook de schade onvergoed kan laten.

 

Burenhinder

De aansprakelijkheid inzake burenhinder vindt zijn grondslag in art. 1382 B.W. en artikel 544 B.W. In zijn Schoorsteen- en Kanaal-arresten heeft het Hof van Cassatie in het kader van de burenhinder een evenwichtsleer ontwikkeld. Op basis van deze leer dienen geburen van elkaar gewone ongemakken te aanvaarden. Zij dienen een wederkerig gedogen te aanvaarden. Enkel indien de grens van gewone ongemakken van nabuurschap wordt overschreden, kan de 'schadelijdende' buur een vergoeding van zijn buur vorderen.

Bij de aquiliaanse aansprakelijkheid kan een volledige schadevergoeding worden gevorderd. Bij burenhinder kan enkel een rechtmatige en passende compensatie worden gevorderd. Deze billijke compensatie wordt geacht het verbroken evenwicht weer te herstellen.  Overigens kan alleen dat deel dat de normaal te tolereren hinder overstijgt (de 'bovenmatige burenhinder') worden vergoed.

In het geval u burenhinder ondervindt en hiervoor een billijke compensatie wil, of betwist dat er van burenhinder sprake is, raadpleeg een advocaat en aarzel niet contact met ons op te nemen.


Risicoaansprakelijkheid

Aansteller

Artikel 1384, lid BW bepaalt dat de meesters en zij die anderen aanstellen, aansprakelijk zijn voor de schade door hun dienstboden en aangestelden veroorzaakt in de bediening waartoe zij hen gebezigd hebben.

De aansteller is dus aansprakelijkheid voor schade veroorzaakt door zijn aangestelden. Aangestelden zijn personen die in ondergeschikt verband werk uitvoeren voor de aansteller (de opdrachtgever). In de eerste plaats vallen werknemers onder het begrip van aangestelde. Maar ook indien er geen arbeidsovereenkomst is, kan er sprake zijn van een aangestelde. In het kader van een (onder)aannemingsovereenkomst voor het bouwen van een woning, is de onderaannemer de aangestelde van de hoofdaannemer, nu de eerste onder instructies van de hoofdaannemer (de aansteller) werkt. In dit laatste geval is de onderaannemer wél geen aangestelde van de bouwheer, nu deze geen instructies kan geven aan de onderaannemer.

De aansteller is enkel aansprakelijkheid voor de fouten die zijn aangestelde begaat in de bediening waartoe hij gebezigd werd. Hier vallen onder:

  • Fouten die de aangestelde heeft begaan binnen de perken van zijn opdracht
  • Fouten die de aangestelde heeft begaan tijdens en naar aanleiding van zijn dienst (dus ook indien de fout is begaan buiten de perken van zijn opdracht). Hiervoor dient een band te bestaan tussen de dienst en de fout. Zelfs bij misbruik van zijn bediening, is de aansteller aansprakelijkheid voor zijn aangestelde.

De aansteller beschikt niet over de mogelijkheid om het tegenbewijs te leveren dat hijzelf geen fout heeft begaan. Hij is en blijft aansprakelijk voor de fouten van zijn aangestelden.

Een beperking op de aansprakelijkheid wordt ingevoerd door artikel 18 van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten en artikel 2 van de wet van 10 februari 2003 betreffende de aansprakelijkheid van en voor personeelsleden in dienst van openbare rechtspersonen (ambtenaren). Ingeval de werknemer bij de uitvoering van zijn arbeidsovereenkomst de werkgever of derden schade berokkent, dan zal de werknemer wel aansprakelijk zijn bij zijn bedrog en zijn zware schuld. Ook voor lichte fout zal hij aansprakelijk zijn, indien die bij hem eerder gewoonlijk dan toevallig voorkomt. Indien een derde dus schade heeft geleden door een fout van een werknemer, dan kan hij zich richten tot de werkgever (de aansteller) op basis van art. 1384, lid 3 B.W., en tot de werknemer (de aangestelde) op basis van art. 1382 B.W.(de aangestelde). De aansteller zal steeds aansprakelijk zijn voor de volledige schade, zelfs bij een lichte fout van zijn werknemer. De werknemer zal enkel aansprakelijk zijn om de schade van het slachtoffer te vergoeden indien de schade is veroorzaakt door een zware fout of een lichte fout die hij regelmatig begaat.

In het geval van discussies over de aansprakelijkheid van aansteller en aangestelden, raadpleeg een advocaat en neem gerust contact met ons op.


Zaken

Op grond van artikel 1384 lid 1 B.W. is men aansprakelijk voor de zaken die men ons zijn bewaring heeft. Deze aansprakelijkheid is van toepassing op alle zaken (met uitzondering van dieren en gebouwen).

Deze aansprakelijkheid zal vooral van toepassing zijn in het geval van een gebrek van de zaak. Dit is een abnormaal kenmerk van een zaak waardoor schade kan worden veroorzaakt:

  • In de eerste plaats moet er sprake zijn van een hoedanigheid of kenmerk van de zaak en dus niet van een bepaald (foutief) gebruik van de zaak.
  • Het gebrek moet betrekking hebben op de structuur van de zaak. Het betreft de intrinsieke gebreken die inherent zijn aan de zaak, maar ook externe elementen die de structuur van de zaak beïnvloeden
  • De beoordeling van het abnormaal kenmerk van een zaak zal gebeuren door een vergelijking te maken met zaken van dezelfde soort en type.

Deze aansprakelijkheid is van toepassing op de bewaker van de zaak. Dat is de persoon die voor eigen rekening het genot en gebruik heeft over een zaak en de verplichting heeft de zaak te bewaken en er op toezicht te houden. Een specifieke fout in hoofde van de bewaker moet niet aangetoond worden. De bewaker kan enkel aan zijn aansprakelijkheid ontsnappen indien hij kan aantonen dat de schade niet door een gebrek werd veroorzaakt maar het gevolg is van een vreemde oorzaak.

In het geval van discussies over een gebrek in de zaak, raadpleeg een advocaat en neem gerust contact met ons op.



Instorten gebouwen

Op grond van artikel 1386 B.W. is de eigenaar van een gebouw aansprakelijk voor de schade door de instorting erdoor veroorzaakt, wanneer deze te wijten is aan verzuim van onderhoud of aan een gebrek in de bouw.

Deze bepaling is van toepassing op gebouwen in ruime zin, maar niet op andere onroerende goederen. De eigenaar van het gebouw is aansprakelijk, zelfs als hij het gebouw niet zelf gebouwd heeft, het niet zou gebruiken of niet verantwoordelijk zou zijn voor het onderhoud ervan (hij kan eventueel wel een vrijwaringsvordering instellen tegen de aannemer, de verkoper, de huurder etc.)

Het begrip instorting wordt door het Hof van Cassatie ruim geïnterpreteerd. Zodra het een belangrijk deel van het gebouw betreft is er van instorting sprake (bijvoorbeeld: wel: neervallen van een schoorsteen; niet: neervallen van een dakpan).

Een cumul tussen de aansprakelijkheidsbepaling van artikel 1386 overlapt die van 1384, lid 1 B.W (gebrekkige zaak). Een vordering kan niet op beide bepalingen tegelijk worden ingesteld. Aan te raden is om de vordering in hoofdorde op art. 1386 B.W. te baseren, en ondergeschikt op art. 1384, lid 1 B.W. 

Deze instorting moet het gevolg zijn van een verzuim aan onderhoud of een gebrek in de constructie van het gebouw.

Wordt u als eigenaar van een gebouw aangesproken voor schade aangericht door instorting of bent u het slachtoffer van een dergelijke instorting, raadpleeg een advocaat en neem gerust contact met ons op.


Productaansprakelijkheid

Wet van 25 februari 1991 betreffende de aansprakelijkheid voor producten met gebreken.

Eens een gebrek, schade en causaal verband is bewezen, is de producent van een product gehouden om de schade te vergoeden. Dit tenzij de producent kan aantonen dat hij niet aansprakelijk is, in de gevallen zoals opgelijst in artikel 8 van de wet. Het betreft een autonoom aansprakelijkheidregime dat noch contractueel, noch extra-contractueel is.

De producent dient de schade aan het lichaam, morele schade en schade aan goederen te vergoeden.

Een product is gebrekkig wanneer het niet de veiligheid biedt die men gerechtigd is ervan te verwachten (art. 5).


Dieren

Op grond van art. 1385 B.W. is de eigenaar van een dier, of, terwijl hij het in gebruik heeft, diegene die zich er van bedient, aansprakelijk voor de schade die door het dier is veroorzaakt, hetzij het onder zijn bewaring stond, dan wel verdwaald of ontsnapt was.

Deze aansprakelijkheid geldt voor alle dieren die in bezit genomen zijn (dus geen wilde dieren). De aansprakelijkheid is van toepassing op de eigenaar van het dier of op degene die zich ervan bedient. Opdat iemand als gebruiker van een dier aansprakelijk zou zijn, moet hij niet alleen voor eigen rekening de feitelijke, maar ook de juridische macht over het dier uitoefenen.

De eigenaar van het dier kan aan zijn aansprakelijkheid ontsnappen, indien:

  • Hij bewijst dat hij geen eigenaar of bewaarder van het dier is, of de schade niet ontstaan is door de daad van het dier
  • Het slachtoffer een fout gemaakt heeft. Indien de schade in hoofdzaak toe te schrijven is aan de fout van het slachtoffer, dan is deze volledig aansprakelijk voor zijn eigen schade. Indien de schade is veroorzaakt door de daad van het dier én de fout van het slachtoffer, dan zal er van gedeelde aansprakelijkheid sprake zijn. Het Hof van Cassatie maakt in dat verband een onderscheid tussen het gewoon en het abnormaal gedrag van het dier. Indien het slachtoffer een fout maakt is de eigenaar niet (of slechts gedeeltelijk) aansprakelijk voor de schade die het normaal gedrag van het dier veroorzaakt, terwijl voor abnormaal gedrag de eigenaar volledig instaat voor de schade.

Wordt u als eigenaar van een dier aangesproken voor schade veroorzaakt door het dier, of bent u het slachtoffer van schade veroorzaakt door een dier, raadpleeg een advocaat en neem gerust contact met ons op.

Home

Particulieren

Ondernemingen

Overheden

Het recht

Het gerecht

Over ons

Stel uw vraag

Ons adres:
Bollebergen 2a bus 20
9052 Gent-Zwijnaarde
Contactgegevens:
Tel.: +32 (0)9 334 94 70
Fax: +32 (0)9 334 94 77
E-mail: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Disclaimer

De informatie beschikbaar op of via deze website is louter van algemene aard en is uitsluitend bedoeld voor algemeen gebruik. De informatie is niet aangepast aan persoonlijke of specifieke omstandigheden, en vormt derhalve geen juridisch advies. Aan de informatie kunnen geen rechten worden ontleend.

Hoewel bij de samenstelling van de inhoud van de website de grootst mogelijke inspanning tot zorgvuldigheid is betracht, is het niet uitgesloten dat bepaalde informatie verouderd, onvolledig of anderszins onjuist kan zijn. Er worden dan ook geen garanties geven met betrekking tot de aard of de inhoud van de informatie op de website.

De website geniet auteursrechtelijke bescherming. Uw toegang tot de website en de aldaar ter beschikking gestelde informatie houdt geen enkele overdracht van enige intellectuele eigendomsrechten in. De informatie die u op of via de website ter beschikking wordt gesteld, mag enkel voor uw eigen interne doeleinden worden aangewend. U onthoudt zich ervan deze informatie of bestanden voor enige andere doeleinden te gebruiken, in het bijzonder door deze op commerciële wijze te exploiteren.