Home

Particulieren

Ondernemingen

Overheden

Het recht

Het gerecht

Over ons

Stel uw vraag

Retentierecht
facebook facebook
  • Register

PRINCIPES

1. Het retentierecht is het recht van de schuldeiser om de teruggave van een goed dat hem door zijn schuldenaar werd overhandigd (of bestemd is voor zijn schuldenaar) op te schorten zolang zijn schuldvordering die verband houdt met dat goed niet is voldaan. Deze schuldeisers wordt ook wel de retentor genoemd.

De schuldeiser die zich beroept op het retentierecht kan bovendien overgaan tot verkoop van het goed. Hij kan de verkoopopbrengst hiervan integraal als bevoorrecht opeisen (hij zal dus uitbetaald worden met deze verkoopopbrengst vóór de andere schuldeisers van de schuldenaar). Hij wordt zelfs super-bevoorrecht indien hij aanspraak maakt op kosten tot behoud of herstel van het teruggehouden goed (hij zal hierbij vóór alle pandhouders gaan).

Het rententierecht neemt een einde zodra de schuldeiser de feitelijke macht over het goed vrijwillig prijsgeeft (bvb hij geeft het goed terug aan de schuldenaar), tenzij de schuldeiser deze feitelijke macht opnieuw verkrijgt krachtens dezelfde rechtsverhouding.

2. a. Het retentierecht is tegenwerpelijk aan de andere schuldeisers van de schuldenaar (zoals bvb de beslagleggende schuldeiser van de schuldenaar), alsook aan derden die een recht gekregen hebben op het goed nadat de schuldeiser de feitelijke macht over het goed verworven heeft.

Het retentierecht is eveneens tegenwerpelijk aan derden met een ouder recht (zoals de eigenaar van het goed), op voorwaarde dat de schuldeiser bij de inontvangstneming van het goed mocht aannemen dat de schuldenaar bevoegd was om dat goed aan een retentierecht te onderwerpen (zie ook : Cass. 27 april 2006 en Cass. 15 september 2011).

  • Voorbeeld 1 : De commissionair-expediteur die op de hoogte is van het feit dat de aan hem ter verscheping toevertrouwde goederen werden verkocht onder dekking van een letter of credit, dient te weten dat zijn opdrachtgever — vertegenwoordiger van de koper — niet het beschikkingsrecht had over de goederen zodat hij niet ter goeder trouw is indien hij vervolgens zijn retentierecht uitoefent (Antwerpen 8 oktober 2007)
  • Voorbeeld 2 : De garagist die op de hoogte is dat het voertuig dat in zijn garage ter herstelling werd binnengebracht eigendom is van een leasingmaatschappij, kan wanneer de leasingnemer de factuur m.b.t. dit voertuig niet betaalt, zich niet op zijn retentierecht beroepen t.o.v. de leasingmaatschappij.

In ieder geval wordt deze derde geen schuldenaar van de schuldvordering die voortvloeit uit de overeenkomst gesloten tussen de retentor en diens schuldenaar (Cass. 27 april 2006).

2.  b.  Het retentierecht kan ook opgeworpen worden tegen de schuldenaar die de procedure van gerechtelijke reorganisatie heeft ingeleid. De rechten van de schuldeiser blijven immers gedurende de periode van opschorting onaangetast. Evenwel is er bepaalde rechtspraak die de uitoefening van het retentierecht tijdens de periode van opschorting als rechtsmisbruik beschouwt (Antwerpen 6 juni 2011). Op grond van dergelijke rechtspraak krijgt de continuïiteit van de onderneming dus voorrang op de rechten van de schuldeiser. Anderzijds kan worden opgeworpen dat art. 35 WCO stelt dat aan de gemeenrechtelijke opschortingsrechten niet wordt geraakt.

3. Partijen kunnen steeds contractueel overeenkomen dat het retentierecht wordt uitgebreid tot schuldvorderingen die geen betrekking hebben op de ingehouden goederen. Dit contractueel afgesproken retentierecht zal in principe pas tegenwerpelijk zijn aan derden (zoals de eigenaar) indien de samenhang tussen die schuldvorderingen en de ingehouden goederen niet fictief is, maar aan een economische realiteit beantwoordt (Cass. 27 april 2006 en Antwerpen 15 maart 2004 : goederenbehandeling in de haven). Indien men echter zou aanvaarden dat het retentierecht eigenlijk een stilzwijgend pandrecht is, zou evenwel die de samenhang wél fictief kunnen zijn.

Indien er geen contractuele afspraken werden gemaakt tussen schuldeiser en schuldenaar, dan vereist het uitoefenen van het retentierecht wel een samenhang tussen de goederen die niet worden teruggegeven en de schuldvordering waarvan de betaling wordt gevorderd. Deze samenhang kan ook gesitueerd worden in een contractuele relatie waarbinnen er nog niet-betaalde schuldvorderingen zijn. Voorbeelden zijn een huurder wegens niet-betaling van de uitzettingsvergoeding of een bewaarnemer uit noodzaak.

4. Het retentierecht wordt in de praktijk veel uitgeoefend door een garagist die een auto van een van zijn klanten voor herstelling in zijn garage heeft. Zolang de klant de factuur van de herstellingskost niet heeft betaald, kan de garagist weigeren om het voertuig terug te geven aan de eigenaar. Hij kan bovendien het voertuig ook weigeren terug te geven, zolang een factuur voor een eerdere herstelling m.b.t. hetzelfde voertuig niet is betaald. Er bestaat immers een nauwe band tussen het voertuig en deze oudere schuldvordering.

Het retentierecht moet wel ter goeder trouw worden uitgeoefend. Zo kan het inroepen van het retentierecht rechtsmisbruik uitmaken wanneer het proportionaliteitsbeginsel wordt geschonden. Dit kan het geval zijn wanneer er een onevenredigheid bestaat tussen het bedrag van de schuldvordering en de waarde van de zaak die teruggehouden wordt.

De deontologie van de accountant / belastingsconsulent legt een retentieverbod op. De accountant kan dus niet weigeren om de boekhoudkundige stukken over te maken aan zijn klant om reden dat de klant nog niet alle facturen van de accountant zou betaald hebben. Ook de advocaat heeft geen retentierecht op het dossier van zijn cliënt.

  Ingeval van geschillen inzake het retentierecht, raadpleeg een advocaat en neem gerust contact met ons op.

 Referenties - wij traden onder meer op in de volgende zaken:

 (i) Een garagist past het retentierecht toe en weigert een voertuig terug te geven zolang zijn factuur voor de herstelling/onderhoud van het voertuig niet wordt betaald.
 (ii) Een goederenbehandelaar in de haven van Antwerpen past het retentierecht toe en weigert de bij hem opgeslagen goederen terug te  geven zolang de stockeringskosten niet worden betaald.
(iii) Een boekhouder beroept zich op een retentierecht om het boekhoudkundig dossier van zijn klant niet aan diens nieuwe boekhouder over te maken omdat de klant een aantal facturen van de boekhouder niet wil betalen

 

WETTELIJKE BASIS

Burgerlijk wetboek - Boek III - Titel XVII - zakelijke zekerheden op roerende goederen - hoofdstuk 3: retentierecht (art 73-76)

 HOOFDSTUK 3. - Retentierecht

  Art. 73. Begrip
  Het retentierecht verleent aan de schuldeiser het recht om de teruggave van een goed dat hem door zijn schuldenaar werd overhandigd of bestemd is voor zijn schuldenaar, op te schorten zolang zijn schuldvordering die verband houdt met dat goed niet is voldaan.

  Art. 74. Feitelijke macht
  Het retentierecht eindigt van zodra de schuldeiser de feitelijke macht over het goed vrijwillig prijsgeeft, tenzij de schuldeiser deze feitelijke macht herkrijgt krachtens dezelfde rechtsverhouding.

  Art. 75. Tegenwerpelijkheid
  Het retentierecht dat betrekking heeft op een roerend lichamelijk goed is tegenwerpelijk aan andere schuldeisers van de schuldenaar en aan derden die een recht op het goed hebben verkregen nadat de schuldeiser de feitelijke macht over het goed heeft verworven.
  Het retentierecht dat betrekking heeft op een roerend lichamelijk goed is eveneens tegenwerpelijk aan derden met een ouder recht, op voorwaarde dat de schuldeiser bij de inontvangstneming van het goed mocht aannemen dat de schuldenaar bevoegd was om dit goed aan een retentierecht te onderwerpen.

  Art. 76. Pandrecht
  Het retentierecht geeft aanleiding tot een in artikel 1 bedoeld preferentieel recht van pandhouder. 

 Burgerlijk wetboek - Boek III - Titel XVII - zakelijke zekerheden op roerende goederen - hoofdstuk 1: pandrecht - afdeling 5 : rangconflicten (art. 58)

  Art. 58. Superprioriteit
  Een pandrecht dat gebaseerd is op een retentierecht voor een schuldvordering tot behoud van de zaak gaat boven alle pandhouders.
  Onder voorbehoud van het eerste lid, gaan de onbetaalde verkoper die zich de eigendom heeft voorbehouden, de bevoorrechte verkoper en het  voorrecht van de onderaannemer voor op de pandhouders op deze goederen.

 

Home

Particulieren

Ondernemingen

Overheden

Het recht

Het gerecht

Over ons

Stel uw vraag

Ons adres:
Bollebergen 2a bus 20
9052 Gent-Zwijnaarde
Contactgegevens:
Tel.: +32 (0)9 334 94 70
Fax: +32 (0)9 334 94 77
E-mail: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Disclaimer

De informatie beschikbaar op of via deze website is louter van algemene aard en is uitsluitend bedoeld voor algemeen gebruik. De informatie is niet aangepast aan persoonlijke of specifieke omstandigheden, en vormt derhalve geen juridisch advies. Aan de informatie kunnen geen rechten worden ontleend.

Hoewel bij de samenstelling van de inhoud van de website de grootst mogelijke inspanning tot zorgvuldigheid is betracht, is het niet uitgesloten dat bepaalde informatie verouderd, onvolledig of anderszins onjuist kan zijn. Er worden dan ook geen garanties geven met betrekking tot de aard of de inhoud van de informatie op de website.

De website geniet auteursrechtelijke bescherming. Uw toegang tot de website en de aldaar ter beschikking gestelde informatie houdt geen enkele overdracht van enige intellectuele eigendomsrechten in. De informatie die u op of via de website ter beschikking wordt gesteld, mag enkel voor uw eigen interne doeleinden worden aangewend. U onthoudt zich ervan deze informatie of bestanden voor enige andere doeleinden te gebruiken, in het bijzonder door deze op commerciële wijze te exploiteren.