Ruimtelijke ordening

Onder ruimtelijke ordening wordt het beleid verstaan die de ruimtelijke kwaliteit wil beschermen of de ruimtelijke ontwikkeling wil beschermen, dit door de bestemming, de inrichting en het beheer van de ruimte.

Ruimtelijke ordening draait rond drie pijlers:

  1. Ruimtelijke planning. Hierbij worden de verschillende bestemmingszones van de ruimte vastgelegd (zoals gebieden voor bewoning, industrie, landbouw, natuur, transport etc.).
  2. Vergunningenbeleid. Een vergunningsplicht laat toe om plannen voorafgaandelijk te toetsen aan de ruimtelijke ordening regels. Hierbij wordt onderzocht of de plannen overeenstemming met de bestemmingszone én of de plannen passen binnen hun omgeving. Afhankelijk van dit onderzoek wordt een stedenbouwkundige vergunning of een verkavelingsvergunning geweigerd of toegekend.
  3. Handhaving. Het niet eerbiedigen van de ruimtelijke planning en de vergunningsplicht kunnen worden gesanctioneerd.


Administratieve overheden

Het Vlaams Gewest heeft de exclusieve bevoegdheid voor de ruimtelijke ordening en stedenbouw.

Drie bestuursniveaus treden hierbij op de voorgrond : het Vlaams Geweest, de provincies en de gemeenten. Alle drie de niveaus staan in voor taken op het vlak van planning, verordeningen en vergunningen. Hierbij wordt het subsidiariteitsbeginsel gerespecteerd: de bevoegdheid wordt toegekend aan de overheid die hiervoor het best geplaatst is.

De bevoegde personen en instanties per niveau zijn:

  • Vlaams Geweest : (i) de gewestelijke stedenbouwkundige en planologische ambtenaar, (ii) de gedelegeerde stedenbouwkundige en planologische ambtenaar, (iii) de gewestelijke stedenbouwkundige inspecteurs, (iv) VLACORO
  • Provincie : (i) de provinciale stedenbouwkundige en planologische ambtenaar, (ii) de Deputatie, (iii) PRECORO
  • Gemeente : (i) de gemeentelijke stedenbouwkundige ambtenaar, (ii) het College van burgemeester en schepenen, (iii) de gemeenteraad, (iv) GECORO

Adviescommissies

Elk bestuursniveau heeft ook zijn eigen adviescommissie op het vlak van verordeningen en structuur- en uitvoeringsplannen.

VLACORO = De Vlaamse Commissie voor Ruimtelijke Ordening. Deze Commissie is opgehouden te bestaat en zijn taken zijn overgenomen door de SARO (Strategische Adviesraad Ruimtelijke Ordening). De SARO geeft adviezen over de opmaak van gewestelijke RUP's, gewestelijke verordeningen en provinciale ruimtelijke structuurplannen.

PRECORO = De Provinciale Commissie voor Ruimtelijke Ordening. Deze Commissie adviseert over provinciale structuurplannen, de afstemming van gemeentelijke en provinciale RUP's en de provinciale stedenbouwkundige verordeningen.

GECORO = De Gemeentelijke Commissie voor Ruimtelijke Ordening. Deze Commissie adviseert inzake de gemeentelijke planning.

Ook de Hoge Raad voor het Handhavingsbeleid geeft adviezen met betrekking tot het handhaven van de ruimtelijke ordening (zoals adviezen over herstelvorderingen en ambtshalve uitvoering, invordering van dwangsommen etc.)

Stedenbouwkundige en planologische ambtenaren

Op gewestelijk en provinciaal niveau worden stedenbouwkundige en planologische ambtenaren opgesteld. Het betreft steeds statutaire ambtenaren.

Op gemeentelijk niveau worden enkel stedenbouwkundige ambtenaren aangesteld. Dit kunnen ook contractuele of deeltijdse werknemers zijn. Ook een intergemeentelijke samenwerking is hierbij mogelijk. De gemeenten kunnen hiervoor zelfs financiële ondersteuning vragen voor de opleiding en de bezoldiging van de gemeentelijke stedenbouwkundige ambtenaar.

Deze ambtenaren oefenen diverse taken uit inzake ruimtelijke ordening. Zij brengen adviezen en verslagen uit, zijn aanwezig op de vergaderingen van de adviescommissie etc.

De gewestelijke stedenbouwkundige inspecteurs zorgen dan weer voor het opsporen en vaststellen van stedenbouwmisdrijven. Voor hen is ook een belangrijke taak weggelegd voor het vorderen van herstelmaatregelen.

Op elk niveau worden ook stedenbouwkundige ambtenaren aangesteld (en planologische ambtenaren op gewestelijk en provinciaal niveau). Dit kunnen zowel statutaire ambtenaren zijn

Ministerie van ruimtelijke ordening, woonbeleid en onroerend erfgoed

Aan het hoof van de diensten en instellingen van dit ministerie staat de Vlaamse minister voor ruimtelijke ordening.

Hij laat zich in zijn beleid adviseren door enerzijds de Strategische Adviesraad voor de Ruimtelijke Ordening (SARO) en de Beleidsraad. De SARO geeft adviezen op het vlak van ruimtelijke ordening en onroerend erfgoed. De Beleidsraad treedt op als een beleidsintegrerend en coördinerend platform, en is dus eigenlijk een verbindingsorgaan tussen de minister en de administraties.

Raad van State en Raad voor vergunningsbeslissing

De Raad van State (afdeling rechtspraak) toetst de wettigheid van de ruimtelijke plannen. De Raad is bevoegd om ruimtelijke plannen te schorsen en zelfs te vernietigen.

De Raad voor vergunningsbetwisting is een administratief rechtscollege dat in laatste aanleg oordeelt over vernietigingsberoepen tegen administratieve vergunningsbeslissingen. Alhoewel de Raad een rechtscollege is kan het ook tussenkomen in het administratief beslissingsproces.

Regelgeving

Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO)

Het decreet van 27 maart 2009 betreffende het grond- en pandenbeleid