De consititutieve elementen van een misdrijf

Een misdrijf is een door de strafwet gesanctioneerde handeling of verzuim.

Elk misdrijf bestaat uit een materieel en een morel element:

  • Materieel element: Dit is de uiterlijk waarneembare verschijningsvorm van het misdrijf, nl. de gedraging. Bijvoorbeeld: het wegnemen bij diefstal, de doding bij moord, de penetratie bij verkrachting etc.
  • Moreel element: Dit is de schuldvorm waarmee deze gedraging wordt gesteld. Er moet dus een strafrechtelijke schuld aanwezig zijn. Deze schuld kan drie vormen aannemen, zijnde:
    (i) opzet: de wil bij de dader om een verboden gedraging te verrichten of een geboden gedraging niet uit te voeren. Er zijn verschillende vormen van opzet: het algemeen opzet, het bijzonder opzet (een bedrieglijk karakter) en de voorbedachtheid (bvb. doding met voorbedachtheid is moord - art. 394 Sw.).
    (ii) onachtzaamheid: de dader berokkent schade die hij niet heeft gewild maar wel kon voorzien (bvb. onopzettelijke slagen en verwondingen bij een verkeersongeval)
    (iii) schuld door wetsinbreuk: de loutere gedraging is strafbaar ongeacht of opzet of onachtzaamheid aanwezig is (zoals verkeersovertredingen)

 

Wederrechtelijk karakter

Een gedraging waardoor het materieel en moreel element van een strafrechtelijke delictsomschrijving wordt vervuld, zal pas strafbaar zijn voor zover zij wederrechtelijk is. Dit impliceert dat er geen rechtvaardigingsgronden mogen aanwezig zijn. Rechtvaardigingsgronden zijn wettige zelfverdediging, noodtoestand, een gebod van de wet of een bevel van de overheid.


Schulduitsluiting

Schulduitsluitingsgronden hebben geen betrekking op de wederrechtelijkheid van de gedraging (het materieel element), maar enkel op de schuld van de dader (het moreel element). Zij rechtvaardigen de gedraging niet, maar heffen enkel de schuld van de dader op. Er bestaan twee schulduitsluitingsgronden, zijnde (i) dwang of overmacht (art. 71 Sw.), en (ii) dwaling of onwetendheid.


Schuldonbekwamen

Twee categorieën van personen vallen niet onder het strafrecht: geestesgestoorden en minderjarigen (alhoewel de jeugdrechter in bepaalde omstandigheden een minderjarige ouder dan 16 wel 'uit handen' kan geven). Zij worden onderworpen aan niet-repressieve en educatieve maatregelen.


Soorten misdrijven

Er bestaan drie categorieën van misdrijven: overtredingen, wanbedrijven en misdaden. Naast gewone misdrijven worden ook politieke misdrijven en persmisdrijven onderscheiden.

Overtreding-wanbedrijf-misdaad

Een overtreding is de lichtste vorm van misdrijf. Een overtreding is strafbaar met een politiestraf: vrijheidsstraffen van 1 tot 7 dagen, geldboetes van 6 tot 150 euro (opdeciemen inbegrepen) en werkstraffen van 20 tot 45 uur.

Een wanbedrijf is strafbaar met een correctionele straf: gevangenisstraffen van 8 dagen tot 5 jaar, geldboetes van ten minste 156 euro (opdeciemen inbegrepen) en werkstraffen van 46 tot 300 uur.

Een misdaad is strafbaar met een criminele straf: vrijheidsstraffen (opsluiting en hechtenis) van langer dan 5 jaar en geldboeten van ten minste 156 euro (opdeciemen inbegrepen)

Overtredingen, gecontraventionaliseerde wanbedrijven en verkeersmisdrijven worden berecht door de politierechtbank. Wanbedrijven en gecorrectionaliseerde misdaden worden berecht door de correctionele rechtbank. De niet voor correctionalisering vatbare misdaden worden berecht door het hof van assisen.

Politieke en persmisdrijven

Politieke en persmisdrijven hebben een bijzonder statuut. Dergelijke misdrijven mogen enkel worden berecht door het hof van assisen, ongeacht of het een overtreding, wanbedrijf of misdaad is.

Politieke misdrijven zijn misdrijven die een rechtstreekse aanslag uitmaken op de politieke instellingen of het politiek bestel in het algemeen van ons land.

Drukpersmisdrijven zijn misdrijven die via een meningsuiting in de pers worden gepleegd. Drukpersmisdrijven door racisme of xenofobie ingegeven worden echter door de correctionele rechtbank berecht.