Misdrijf

Deze categorie groepeert drie misdrijven (art. 240-245 Sw.):

  1. Verduistering : zaken achterhouden of niet gebruiken waarvoor ze bedoeld zijn. Het kan gaan om gelden, akten, effecten of andere roerende zaken. Dit misdrijf kan eigenlijk omschreven worden als 'misbruik van vertrouwen' door een openbaar ambtenaar (misbruik van vertrouwen door bijzondere personen wordt bestraft in art. 491 Sw.)

    Voorbeeld: een politieambtenaar doet een proces-verbaal van een snelheidsovertreding van een vriend verdwijnen; een postbode laat post verdwijnen; ambtenaren kopiëren vertrouwelijke documenten en maken deze aan de pers over etc.

  2. Knevelarij : het innen van gelden, belastingen, taksen enzovoort door een openbaar ambtenaar, zonder dat dit verschuldigd is.

    Voorbeeld: Een politieambtenaar doet een voertuig stoppen wegens een snelheidsovertreding zonder dat deze overtreding werd gepleegd, en eist onmiddellijke betaling van een 'boete' van de chauffeur

  3. Belangenneming : een belang nemen als openbaar ambtenaar zelf of door tussenpersonen in aanbestedingen, aannemingen of werken waarover hij in het kader van zijn functie zeggingskracht heeft. Als de ambtenaar daarentegen openlijk gehandeld heeft en zijn privébelangen niet bevorderd heeft, is er geen sprake van een misdrijf.

    Voorbeeld: een ambtenaar kent een overheidsopdracht toe aan een bouwbedrijf waarvan hij zelf aandeelhouder is