Misdrijf

1. Wat is diefstal ?

Diefstal is het bedrieglijk wegnemen van een zaak die hem niet toebehoort (art. 461, eerste lid Sw.)

Gebruiksdiefstal is het bedrieglijk wegnemen van andersmans goed voor kortstondig gebruik, en wordt met diefstal gelijkgesteld (art. 461, tweede lid Sw.). Een bekend voorbeeld hiervan is joy riding (het wegnemen van iemands auto om er mee te rijden en na enkele uren weer achter te laten).

Een onderscheid moet worden gemaakt tussen:

  • diefstal zonder geweld en bedreiging
  • diefstal met geweld en bedreiging


2. Diefstal zonder geweld of bedreiging

2.1 Bestanddelen

Er zijn drie bestanddelen voor het misdrijf diefstal:

  • Het wegnemen van een zaak

    Enkel roerende goederen kunnen weggenomen worden en dus het voorwerp uitmaken van diefstal. Onroerende goederen kunnen dat niet, maar kunnen wel ontnomen worden aan de rechtmatige eigenaar door andere misdrijven zoals door oplichting, misbruik van vertrouwen, valsheid in geschrifte etc.

    De zaak kan zowel lichamelijk als onlichamelijk zijn. Ook onlichamelijke goederen (tv-signalen of elektriciteit) kunnen dus gestolen worden.

    In gevallen waarin een zaak niet weggenomen is maar al in het bezit van de dader is die het nalaat terug te geven aan de rechtmatige eigenaar, dan is er eerder sprake van misbruik van vertrouwen dan van diefstal. Bij diefstal dient er immers sprake te zijn van een effectieve wegneming.

  • het bedrieglijk opzet dat aanwezig is bij het wegnemen

    Het moet gaan om een bijzonder opzet. Het bedrieglijk opzet houdt in dat de dader zich een zaak wil toe-eigenen tegen de wil van de rechtmatige eigenaar. Dit bedrieglijk opzet dient beoordeeld te worden op het ogenblik van het wegnemen.

    Het feit dat een zaak wordt meegenomen zonder medeweten van de eigenaar houdt niet automatisch diefstal in (voorbeeld: wanneer zijn buurman op reis is, komt een bevriende buur diens grasmachine halen om te gebruiken. Alhoewel de grasmachine zonder medeweten van de buurman meegenomen is, is er geen sprake van diefstal).

  • Het betreft een zaak die niet toebehoort aan diegene die de zaak wegneemt

    Men kan uiteraard niet zijn eigen goederen stelen (voorbeeld: een televisie wordt op afbetaling verkocht, met eigendomsvoorbehoud van de verkoper; indien de koper niet langer afbetaalt, kan de verkoper het onbetaalde goed terugnemen zonder dat er sprake is van diefstal).