Algemeen

De terbeschikkingstelling van de strafuitvoeringsrechtbank heeft als doel personen die zware misdrijven plegen aan een bijkomende beveiligingsperiode te onderwerpen na de uitvoering van hun effectieve straf. 


Wanneer wordt deze terbeschikkingstelling uitgesproken?

De terbeschikkingstelling dient de strafrechter verplicht uit te spreken in twee gevallen:

  1. voor de persoon die wordt veroordeeld tot een criminele straf, nadat hij in het verleden al eens was veroordeeld tot een criminele straf
  2. voor de persoon die wordt veroordeeld tot een criminele straf voor terroristische misdrijven die de dood tot gevolg hadden, foltering van een persoon wanneer die handeling de ernstige gevolgen had zoals opgesomd in art. 417ter lid 1, 2° Sw. of verkrachting, aanranding of ontvoering die de dood tot gevolg heeft (art. 34 Sw.)

De terbeschikkingstelling is mogelijk maar niet verplicht in de volgende gevallen:

  1. voor de persoon die na een veroordeling tot een straf van minstens 5 jaar gevangenis voor feiten waardoor opzettelijk lijden of ernstig lichamelijk letsel of schade aan de geestelijke of lichamelijke gezondheid werd veroorzaakt, opnieuw gelijkaardige feiten pleegt en dat binnen de 10 jaar na het definitief worden van de eerste veroordeling
  2. voor de persoon die wordt veroordeeld wegens de misdrijven opgesomd in art. 34quater, 2° en 3° Sw. (misdrijven die een ernstige schending van het internationaal humanitair recht inhouden, doodslag etc.)


Hoelang kan deze terbeschikkingstelling zijn?

De termijn van de terbeschikkingstelling wordt door de strafrechter vastgelegd.

Deze termijn kan 5 tot 15 jaar duren.

Deze termijn neemt een aanvang onmiddellijk na het verstrijken van de effectieve straf.


Wat kan de strafuitvoeringsrechtbank beslissen?

De strafuitvoeringsrechtbank kan tijdens de periode van terbeschikkingstelling beslissen om de persoon verder van zijn vrijheid te benemen, dan wel om de persoon in vrijheid onder toezicht te stellen.

De strafuitvoeringsrechtbank zal jaarlijks ambtshalve onderzoeken of de terbeschikkinggestelde nog langer van zijn vrijheid moet benomen worden.

Wordt de betrokkene in vrijheid onder toezicht gesteld, dan kan hij om de 2 jaar aan de strafuitvoeringsrechtbank vragen om aan de terbeschikkingstelling een einde te maken.